Actueel

Waar woont God?

Waar woont God? is de vraag die dominee Eibert Kok stelt. Hij geeft ook het antwoord in zijn overdenking.

Waar woont God?

Waar woont God?

Zondagmorgen 9 februari 2025, Sint Catharijnekerk, ds. Eibert KokLezing: 1 Koningen 8: 12-30

Ter inleiding op de lezing iets over de context van dit Bijbelgedeelte. We zitten dan zo’n duizend jaar vóór Christus, in de tijd van de koning David en zijn opvolger, zijn zoon, koning Salomo. David is zo’n beetje de vader des vaderlands, het begin van de Davidische koningslijn, en bij zijn zoon Salomo komt het koninkrijk Israël tot z’n grootste bloei.Na Salomo zal het koninkrijk in tweeën uiteenvallen, en daarna is het eigenlijk nooit meer zo groot en geweldig geweest. Dus een soort gouden eeuw van Israël.Heel lang was er geen centraal heiligdom. Je had de ark, een grote versierde kist, waarin de twee stenen werden bewaard waar Mozes de tien belangrijkste geboden op had geschreven. Het verhaal gaat dat die ark ooit was gemaakt voor de tabernakel, de mobiele tent-tempel, toen het volk Israël als een nomadenvolk door de woestijn trok van Egypte naar Israël. Die ark had, toen het volk zich in het land vestigde, ergens een plekje gekregen, maar toen David koning was geworden was het zijn wens om die ark naar de nieuwe hoofdstad Jeruzalem te halen en om daar dan een mooi huis bouwwerk voor die ark te realiseren. Dat klinkt ook door in Psalm 132, in het lied na de lezing.
Daar wordt in het tweede couplet koning David met zijn wens sprekend ingevoerd:
'Tevreden ben ik niet, ik zal niet rusten,
totdat het huis voor God op orde is,
ik zal niet wonen in mijn eigen huis
voordat de ark van God staat op een ereplaats.'
De ark van het verbond was door koning David naar zijn kasteel gehaald, de burcht Sion in Jeruzalem. Op een bepaalde manier was dat ook een soort statussymbool geworden. David wilde graag een tempel bouwen, een gebouw dat past bij de status van dat centrale symbool, als plaats voor de ark, het meest heilige voorwerp voor het volk dat hen herinnert aan hun geschiedenis, aan de uittocht uit Egypte, de tocht door de woestijn, de intocht in het beloofde land.
Maar, David mocht die tempel niet bouwen. Dat vond God geen goed idee. Daarvoor had David te veel bloed aan zijn handen. Zijn zoon Salomo, die zou de tempel gaan bouwen. 
Lees hier de hele overdenking ...

Terug